Augustijnenklooster

Geschiedenis

Het augustijnenklooster Sint-Stefanus kan ‘de wieg van de augustijnen in de Lage Landen’ worden genoemd.De officiële oprichting gebeurde op 24 november 1296 toen Jean de Vasognes, bisschop van Doornik, de augustijnen de toestemming gaf om een klooster te stichten op een terrein van de familie Borluut.Al voor 1296 waren zij in de stad aanwezig, vermoedelijk als ‘termijnpaters’, geliefd bij het volk omwille van hun preken..
De preciese ligging van de eerste woonplaats van de Gentse augustijnen is aangeduid in een oorkonde van 25 november 1337 waarin gesproken wordt over een huis ‘dwele men heet ter Capellen, daer de Augustinen plaghen te wonen, staende up den ommekeer vander Steenstrate ter Ouderborechwaert’. De augustijnen woonden dus in een huis ‘ter Capelle’ genoemd op de hoek van de Steenstraat en een straat die naar de huidige Geldmunt leidt. Hier stond inderdaad een kapel, toegewijd aan de heilige Stefanus.

De patroonheilige van deze kapel werd de patroon van het nieuwe klooster. In de Middeleeuwen kende het klooster een gestadige groei dankzij de steun van het Gentse patriciaat.
Vanaf de 14de eeuw had de familie Borluut een eigen begraafplaats in de kloosterkerk. Zij zijn eeuwenlang de grote weldoeners van het klooster gebleven.
In 1582 werden de kerk en het klooster bijna met de grond gelijk gemaakt door de Geuzen. Enkel de keuken en de refter bleven gespaard. Door bemiddeling van prior provinciaal Joannes Cools werd, onder de Aarsthertogen Albrecht en Isabella en op bevel van Philips II, de kerk op kosten van de stad herbouwd in 1606 omdat de voormalige magistraat Hembize, verantwoordelijk was geweest voor de vernieling ervan. Vanaf 1621 werd het St. Stefanusklooster herbouwd. Grotendeels gefinancierd door de adellijke familie Borluut werd het in klassieke renaissance stijl opgetrokken. Tussen de jaren 1718 – 1720 werd als sluitstuk van het grootse bouwwerk de indrukwekkende kloosterbibliotheek gebouwd. Ze is tot op vandaag in goede staat bewaard en te bezichtigen.
Vanaf de Middeleeuwen waren predikatie en de zielzorg, naast de studie, de belangrijkste activiteiten van de augustijnen. Aan de kerk waren ook verschillende broederschappen verbonden. Slechts één daarvan zou de storm van de godsdienstoorlogen overleven, namelijk deze van het H. Bloed. In 1609 richtten de augustijnen te Gent ook een Latijns College op dat tot aan de Franse Revolutie een toonaangevende school zou zijn voor het Gentse. Tijdens de 17de en de 18de eeuw was voor de augustijnen het middelbaar onderwijs in de Lage Landen het apostolaat bij uitstek. Te Gent kon pater Carolus Laurentius Volbracht (1749-1810) met enkele confraters de kerk en het klooster terugkopen. De resterende Gentse augustijnen concentreerden zich rond hun kerk en rond de persoon van Carolus Volbracht en diens opvolger pater Franciscus Van der Mensbrugghe (1770-1834). Van der Mensbrugghe zou met zijn confrater, Augustinus Naudts (1761-1844) die primarius was op de Amsterdamse statie De Star, een nieuwe toekomst voor de augustijnen in de Nederlanden mogelijk maken. Zij maakten van het enige augustijnenklooster dat de Revolutie overleefde, de bakermat voor een nieuwe opbloei van de Orde in de Lage Landen.

Gedurende de 19de eeuw bleef de Gentse augustijnengemeenschap echter vrij zwak. Het experiment om op Sint-Stefanus een ‘studium generale’ te vestigen hield niet lang stand. De verhoudingen met de augustijnen op de staties verzuurde meer en meer en dat zou resulteren in de oprichting van een onafhankelijke Nederlandse Provincie. Pas in 1901 zou de Belgische Provincie worden hersteld. Naargelang het aantal medebroeders toenam, kon men vanuit dit moederklooster nieuwe kloosters oprichten.

St Stefanus vandaag

In mei 2001 werd met de restauratie van het klooster begonnen. Vijf fasen zijn voorzien om het hele kloostercomplex te herstellen. De eerste fase die de restauratie van buitenmuren van de kruisgang en de panden omvatte, werd in juni 2003 voltooid. Het meest monumentale gedeelte van het gebouw werd daarmee in zijn vroegere schoonheid hersteld. n 2003 werd eveneens de restauratie van het drie-klavieren orgel beëindigd.
Tegelijk heeft St. Stefanus als kloosterkerk voor vele gelovigen buiten de parochie een grote aantrekkingskracht. Zoals in meerdere kloosterkerken in Vlaanderen, kunnen de gelovigen ook in St. Stefanus terecht om geestelijke bijstand. Altijd zijn er medebroeders die deze mensen opvangen en begeleiden. De mogelijkheid om permanent het sacrament van de biecht te ontvangen blijft tot op vandaag gegarandeerd. Tegelijk heeft de gestage groei van devotie tot de Heilige Rita, een augustijnse heilige, er voor gezorgd dat St. Stefanus ook een bedevaartskerk werd. Onafgebroken komen mensen met hun kleine en grote verzuchtingen tot deze Heilige. Zij kunnen ook een luisterend oor vinden bij de medebroeders die de permanentie uitmaken. Vooral rond en op 22 mei, de feestdag van de St. Rita, is er een grote toeloop van bedevaarders.


Op de hoogte blijven via onze nieuwsbrief? Klik hier om je in te schrijven